Waar plaats je een schuilplaats voor kikkers en padden in de tuin?

Kikkers, padden en salamanders zijn bijzondere en waardevolle bewoners van onze tuinen. Ze helpen bij het onder controle houden van insecten en slakken en vormen een belangrijke schakel in het ecosysteem. Toch hebben amfibieën het steeds moeilijker door het verdwijnen van natuurlijke schuilplaatsen.

In veel moderne tuinen zijn beschutte plekken schaars geworden. Tegels, open gazons en strak onderhouden borders laten weinig ruimte voor dieren om zich te verbergen. Een goed geplaatste schuilplaats kan daarom een grote rol spelen in het creëren van een tuin waar amfibieën zich thuis voelen.

Maar waar plaats je zo’n schuilplaats het best?

Een rustige plek in de tuin

Amfibieën houden van rust. Overdag zoeken ze plekken waar ze beschermd zijn tegen zon, wind en roofdieren. In de natuur vinden ze die vaak onder stenen, hout, bladeren of tussen dichte planten.

In een tuin kun je dit nabootsen door een schuilplaats te plaatsen op een rustige plek waar weinig beweging is. Denk bijvoorbeeld aan:

  • onder een struik

  • langs een haag

  • tussen vaste planten

  • achterin de tuin

  • in een natuurlijke hoek met bladeren of bodembedekkers

Hoe rustiger de plek, hoe groter de kans dat amfibieën de schuilplaats ontdekken en gaan gebruiken.


Vermijd volle zon

Kikkers, padden en salamanders hebben een gevoelige huid die snel kan uitdrogen. Daarom geven ze meestal de voorkeur aan vochtige en schaduwrijke plekken.

Een schuilplaats werkt vaak het best in:

  • halfschaduw

  • lichte schaduw

  • een plek waar de grond vochtig blijft

Volle zon kan ervoor zorgen dat de temperatuur in een schuilplaats te hoog oploopt.


In de buurt van water

Veel amfibieën zijn verbonden met water. Vijvers, sloten en natte zones in de tuin vormen vaak belangrijke plekken voor voortplanting.

Wanneer een schuilplaats zich in de buurt van water bevindt, vergroot dat vaak de kans dat kikkers of padden deze ontdekken. Toch is een vijver niet noodzakelijk. Ook in tuinen zonder water kunnen amfibieën voorkomen, zolang er voldoende beschutting en vochtige plekken aanwezig zijn.


Direct op de grond

Amfibieën bewegen zich dicht bij de bodem. Daarom is het belangrijk dat een schuilplaats direct op de grond staat en niet op een verharde ondergrond.

Een natuurlijke bodem van aarde, bladeren of mos werkt het best. Hierdoor blijft het microklimaat rond de schuilplaats koel en vochtig.


Een plek om te rusten én te zonnen

Hoewel amfibieën meestal beschutting zoeken, zie je ze soms ook op zonnige momenten even buiten hun schuilplek zitten. Vooral op zachte, zonnige dagen kunnen kikkers of padden zich kort opwarmen.

ANURA schuilplaatsen zijn zo ontworpen dat ze niet alleen beschutting bieden, maar ook een rustige plek vormen waar amfibieën soms bovenop gaan zitten om te zonnen. Het oppervlak warmt zachtjes op en vormt een natuurlijke rustplek in de tuin.

Na zo’n moment van opwarming trekken ze zich meestal weer terug in de beschutting eronder.


Laat de natuur een beetje meewerken

Schuilplaatsen worden vaak nog aantrekkelijker wanneer ze langzaam opgaan in de omgeving. Na verloop van tijd kunnen natuurlijke elementen zoals mos, bladeren en aarde zich rond het object verzamelen.

Dat proces zorgt ervoor dat de schuilplaats steeds beter past in de tuin en nog aantrekkelijker wordt voor dieren.


Geduld

Het kan even duren voordat amfibieën een nieuwe plek ontdekken. Ze verplaatsen zich vaak ’s nachts en volgen hun eigen routes door het landschap.

Wanneer een tuin voldoende rust, beschutting en vocht biedt, is de kans groot dat dieren de plek uiteindelijk vinden.


Een kleine bijdrage aan biodiversiteit

Door een tuin iets natuurvriendelijker in te richten en beschutte plekken te creëren, kan iedereen een bijdrage leveren aan biodiversiteit. Zelfs kleine ingrepen kunnen een verschil maken.

Een schuilplaats biedt een veilige plek voor kikkers, padden en salamanders om te rusten, zich te verbergen en hun plek in de tuin te vinden.

En soms gebeurt het mooiste vanzelf: op een rustige avond zie je ineens een kleine tuinbewoner verschijnen.